Vlaanderen

Artikel 10 BVR Zorgtoeslagen

De gevolgen van de aandoening waaruit een specifieke ondersteuningsbehoefte voortvloeit, worden vastgesteld ofwel door een evaluerende arts, conform onderafdeling 2, ofwel door een MDT-arts, conform onderafdeling 3.

Het agentschap Opgroeien regie is belast met het toezicht op de evaluerende arts en de MDT-arts, voor wat de door hen toegekende punten, vermeld in artikel 6, betreft.

De evaluerende arts en de MDT-arts leven de wet van 22 augustus 2002 betreffende de rechten van de patiënt na bij de uitvoering van de onderzoeken om het aantal verkregen punten vast te stellen.

Kind en Gezin bewaart de persoonsgegevens betreffende de vaststelling, vermeld in het eerste lid tot vijf jaar na ontvangst van deze gegevens.

Besluit van de Vlaamse Regering van 12 maart 2021 tot wijziging van diverse besluiten over welzijn, volksgezondheid en gezin naar aanleiding van de integratie van de agentschappen Kind en Gezin en Jongerenwelzijn in het kader van het geïntegreerd gezinsbeleid en tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 22 maart 2013 wat betreft het opstellen van het verslag van de kandidaat-adoptanten, dienstig voor het herkomstland, vermeld in artikel 15 van het Haags Adoptieverdrag (B.S. 25.06.2021) - hoofdstuk 40 - artikel 475 - inwerkingtreding 18.04.2019

In artikel 10, tweede en vierde lid, van hetzelfde besluit worden de woorden “Kind en Gezin” vervangen door de woorden “Het agentschap Opgroeien regie”.

Datum van publicatie
Datum van afkondiging
Top