Vlaanderen

Artikel 14 BVR Zorgtoeslagen

De evaluerende arts bezorgt, binnen dertig dagen nadat de gevolgen van de aandoening waaruit de specifieke ondersteuningsbehoefte voortvloeit, zijn vastgesteld, het resultaat van de vaststelling, vermeld in artikel 6, §5, aan het agentschap Opgroeien regie. Het agentschap Opgroeien regie bezorgt dat resultaat aan de uitbetalingsactor.

Op basis van de vaststelling van de gevolgen van de aandoening waaruit de specifieke ondersteuningsbehoefte voortvloeit, vermeld in het eerste lid, beslist de uitbetalingsactor of er recht is op de zorgtoeslag voor kinderen met een specifieke ondersteuningsbehoefte, vermeld in artikel 16, §1, van het decreet van 27 april 2018. Hij begroot die toeslag conform artikel 9 van dit besluit. De uitbetalingsactor deelt de beslissing tot toekenning of weigering van de zorgtoeslag voor kinderen met een specifieke ondersteuningsbehoefte, alsook de periode en het bedrag van de toeslag mee aan de begunstigde of begunstigden.

 

Besluit van de Vlaamse Regering van 12 maart 2021 tot wijziging van diverse besluiten over welzijn, volksgezondheid en gezin naar aanleiding van de integratie van de agentschappen Kind en Gezin en Jongerenwelzijn in het kader van het geïntegreerd gezinsbeleid en tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 22 maart 2013 wat betreft het opstellen van het verslag van de kandidaat-adoptanten, dienstig voor het herkomstland, vermeld in artikel 15 van het Haags Adoptieverdrag (B.S. 25.06.2021) - hoofdstuk 40 - artikel 479 - inwerkingtreding 18.04.2019

In artikel 14, eerste lid, van hetzelfde besluit worden de woorden “aan Kind en Gezin” vervangen door de woorden “aan het agentschap Opgroeien regie” en worden de woorden “Kind en Gezin bezorgt” vervangen door de woorden “Het agentschap Opgroeien regie bezorgt”.

Datum van publicatie
Datum van afkondiging
Top