Vlaanderen

Artikel 33 Groeipakketdecreet

Gearchiveerde versie Dit artikel werd gewijzigd door artikel 52 van het decreet tot wijziging van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997, het decreet van 8 juni 2007 betreffende de studiefinanciering van de Vlaamse Gemeenschap, de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010, de codificatie sommige bepalingen voor het onderwijs van 28 oktober 2016 en het decreet van 27 april 2018 tot regeling van de toelagen in het kader van het gezinsbeleid, wat betreft de afstemming op het decreet van 27 april 2018 tot regeling van de toelagen in het kader van het gezinsbeleid (B.S. 15.05.2019)

 

§1. De selectieve participatietoeslag secundair onderwijs is meeneembaar voor rechthebbende leerlingen van het secundair onderwijs die in het buitenland of in een andere gemeenschap secundair onderwijs volgen, op voorwaarde dat er voor de in het buitenland of een centrum als vermeld in artikel 32, en op voorwaarde dat de onderwijsinstelling, de studierichting of de opleiding erkend is door de bevoegde overheid in de gemeenschap of het land in kwestie. Onder meeneembaarheid wordt verstaan, de meeneembaarheid van de toelage als vermeld in artikel 5, 25°, van het decreet van 8 juni 2007 waarbij ‘schooltoelage in het secundair onderwijs’ wordt gelezen als ‘selectieve participatietoeslag secundair onderwijs’.

Artikel 34, 35, tweede lid, en 48, §3 en §6, zijn niet van toepassing op rechthebbende leerlingen die in het buitenland secundair onderwijs volgen.

§2. Om te bepalen of er een equivalente opleiding bestaat als vermeld in paragraaf 1, baseert de uitbetalingsactor zich op het bindende advies van NARIC- Vlaanderen, vermeld in artikel 5, 26°, van het decreet van 8 juni 2007.

Datum van publicatie
Datum van afkondiging
Datum einde geldigheid
Top