Vlaanderen

A/10 van 17 juni 2019 - Toepassing van algemene en individuele afwijkingen vanaf 1 januari 2019

Mededeling van het VUTG van 17 juni 2019 - Algemeen - 10

Betreft: Toepassing van algemene en individuele afwijkingen vanaf 1 januari 2019

 

1.  Situering 

In Algemene kinderbijslagwet (AKBW) en in de wet van 20 juli 1971 tot instelling van de gewaarborgde gezinsbijslag, kon de bevoegde minister of de ambtenaar van de Federale Overheidsdienst Sociale Zekerheid die hij aanduidde algemene en individuele afwijkingen toestaan.

In het Groeipakket is de mogelijkheid tot individuele afwijking niet voorzien; er gelden enkel algemene vrijstellingen.  Deze algemene vrijstellingen zijn opgenomen in hoofdstuk 9 van het BVR van 5 oktober 2018 over het rechtgevend kind.

Het Agentschap heeft echter al meermaals aanvragen van uitbetalingsactoren over algemene en individuele afwijkingen ontvangen. Soms worden die vragen rechtstreeks aan het Agentschap gericht, soms aan het ORINT.

Hierna wordt toegelicht hoe de overgang van de AKBW en de gewaarborgde gezinsbijslag naar het Groeipakket in de praktijk dient te worden uitgevoerd.  Daarbij wordt een onderscheid gemaakt tussen algemene en individuele afwijkingen en rechtsperiodes gelegen voor 1 januari 2019 waarbij de bepalingen van de AKBW en de gewaarborgde gezinsbijslag van toepassing zijn en rechtsperiodes vanaf 1 januari 2019 die volgens het Groeipakket dienen geregeld te worden.  Voor de lopende beslissingen op 31 december 2018 inzake individuele en algemene afwijkingen geldt een overgangsbepaling.

2. Lopende beslissingen op 31 december 2018 inzake individuele en algemene afwijkingen - overgangsbepaling

In dat geval is artikel 55 van het BVR van 5 oktober 2018 i.v.m. het rechtgevend kind van toepassing.

Overeenkomstig artikel 211 van het decreet Groeipakketdecreet blijven de algemene en individuele afwijkingen van de toekenningsvoorwaarden voor kinderbijslag, die op 31 december 2018 in overeenstemming met de kinderbijslagreglementering toegekend zijn, gelden onder de volgende voorwaarden:

  1. De kinderen die recht hebben op kinderbijslag op basis van een individuele afwijking van de kinderbijslagreglementering, kunnen rechten putten uit die beslissing voor de periode, vermeld in die beslissing. Verlenging of hernieuwing van die beslissing is niet mogelijk.
  2. Algemene afwijkingen van de kinderbijslagreglementering die zijn toegekend voor een bepaalde periode, vervallen na verloop van de desbetreffende periode.  Verlenging of hernieuwing is niet mogelijk.
  3. Algemene afwijkingen van de kinderbijslagreglementering die zijn toegekend voor een onbepaalde periode, blijven gelden tot er zich een wijziging voordoet in de gezinssituatie of tot er niet meer wordt voldaan aan de toekenningsvoorwaarden van de afwijking. Onder wijziging in de gezinssituatie wordt bedoeld wanneer het kind het gezin dat ingevolge de algemene afwijking de gezinsbijslag ontvangt, verlaat.
  4. Individuele en algemene afwijkingen vervallen als het kind recht heeft op gezinsbijslagen conform de voorwaarden, vermeld in Groeipakketdecreet.
  5. Individuele en algemene afwijkingen vervallen indien Vlaanderen overeenkomstig de toepassing van artikel 2 van het Samenwerkingsakkoord van 6 september 2017 tussen de Vlaamse Gemeenschap, het Waalse Gewest, de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie en de Duitstalige Gemeenschap betreffende de aanknopingsfactoren, het beheer van de lasten van het verleden, de gegevensuitwisseling inzake de gezinsbijslagen en de praktische regels betreffende de bevoegdheidsoverdracht tussen de kinderbijslagfondsen, niet langer bevoegd is inzake de gezinsbijslagen. Dit wordt uitgelegd in de toelichtingsnota 3 van 21 december 2018

​Eens een afwijking is vervallen, eindigt de toepassing van de overgangsmaatregel.

3.  Nieuwe beslissingen vanaf 1 januari 2019

3.1.  Algemene afwijkingen

Rechtsperiodes gelegen vóór 1 januari 2019

Om pragmatische redenen en in het belang van de betrokken gezinnen, kunnen deze algemene afwijkingen verder toegepast worden voor periodes voorafgaand aan 1 januari 2019 en rekening houdende met de verjaringstermijn.  Een overzicht van deze algemene afwijkingen is in de MO 599 van 16 juli 2007 terug te vinden.

Deze algemene afwijkingen kunnen zoals de reeds voor 1 januari 2019 toegekende algemene afwijkingen, toegekend worden voor hun hele tijdsduur, rekening houdend met de opgelegde voorwaarden en met de uitvoeringsmaatregelen op basis van artikel 211 van het Groeipakketdecreet: zie rubriek 2 – lopende beslissingen op 31 december 2018.

Een onderscheid maken bij de toekenning van deze algemene afwijkingen naar gelang de vaststelling ervan voor of na 1 januari 2019 gebeurt, is niet aangewezen. Dit omdat niet alle bestaande algemene afwijkingen, zoals bijvoorbeeld inzake het recht op kraamgeld of adoptiepremie, de gewaarborgde gezinsbijslagregeling, de band van verwantschap tussen rechthebbende en kind, de loopbaanvoorwaarde in hoofde van de rechthebbende…,  zijn opgenomen als algemene vrijstelling in hoofdstuk 9 van het BVR rechtgevend kind en dit dus nadelig/discriminatoir kan zijn voor de betrokken gezinnen.

De vaststelling van en de toekenning volgens de algemene afwijking gebeurt door de uitbetalingsactor zelf, zonder tussenkomst van team Groeipakket binnen Kind en Gezin (vanaf 18 april 2019 Agentschap Opgroeien Regie), ongeacht de periode waarop deze betrekking hebben.

Rechtsperiodes vanaf 1 januari 2019

Wanneer het onderzoek uitsluitend betrekking heeft op rechtsperiodes vanaf 1 januari 2019 gelden enkel de algemene vrijstellingen van Hoofdstuk 9 van het BVR van 5 oktober 2018 m.b.t. het rechtgevend kind.

3 2.  Individuele afwijkingen

Rechtsperiodes gelegen voor 1 januari 2019

Vanaf 1 januari 2019 kunnen geen individuele afwijkingen meer aangevraagd worden bij het Team Groeipakket binnen Kind en Gezin (Vanaf 18 april 2019 Agentschap Opgroeien Regie), ongeacht de periode waarop deze betrekking hebben.  Dus nu nog een individuele afwijking vragen voor een periode gelegen voor 1 januari 2019, is niet meer mogelijk.

De aandacht van de uitbetalingsactoren wordt erop gevestigd dat bij de behandeling van dergelijke aanvragen tot individuele afwijking er in het bijzonder dient te worden op toegezien of er geen algemene afwijking van toepassing is.  Dit onderzoek dient autonoom door de uitbetalingsactor worden uitgevoerd.

Opmerking Enkel en alleen als het gaat om een aanvraag voor een individuele afwijking die betrekking heeft op een periode vóór 1 januari 2019 en die op 31 december 2018 al bij de FOD Sociale Zekerheid was ingediend, mag deze worden doorgestuurd naar Kind en Gezin: admin.groeipakket@kindengezin.be met vermelding in het onderwerp van de mail : ” Afwijkingen op de kinderbijslagreglementering

 

Rechtsperiodes vanaf 1 januari 2019

Een aanvraag voor een individuele afwijking die betrekking heeft op een periode na 1 januari 2019 kan in het Groeipakket niet worden ingediend. 

Meegedeeld via mail van 21 juni 2019 - gericht aan de uitbetalingsactorenofficiële publicatie

 

Datum van publicatie
Datum van afkondiging
Top