11 februari 2022 - Besluit van de Vlaamse Regering tot vaststelling van maatregelen voor gelegenheidsarbeiders voor de periode van 1 april 2020 tot en met 30 september 2021 ten gevolge van de uitbraak van het COVID-19-virus, wat betreft de toelagen in het kader van het gezinsbeleid en tot wijziging van diverse besluiten over de toelagen in het kader van het gezinsbeleid (B.S. 15.03.2022)

Nota's

Adviezen

Rechtsgronden

Dit besluit is gebaseerd op:

  • de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, artikel 20, gewijzigd bij de bijzondere wet van 16 juli 1993;
  • het Groeipakketdecreet van 2018, artikel 1/1, ingevoegd bij het decreet van 21 mei 2021, artikel 8, §1, zesde lid, en §2, tweede lid, artikel 18, achtste lid, artikel 23, derde lid, artikel 27, §4, ingevoegd bij het decreet van 22 maart 2019 en gewijzigd bij het decreet van 21 mei 2021, artikel 30, §4, ingevoegd bij het decreet van 22 maart 2019, artikel 34, §4, ingevoegd bij het decreet van 22 maart 2019 en gewijzigd bij het decreet van 21 mei 2021, artikel 38, §3, artikel 57, §3, derde lid, artikel 76, tweede lid, artikel 77, §2, artikel 83, tweede lid, artikel 88, eerste lid, artikel 89, derde lid, en artikel 103, §2.

Vormvereisten

De volgende vormvereisten zijn vervuld:

  • De Vlaamse minister, bevoegd voor de begroting, heeft zijn akkoord gegeven op 16 december 2021.
  • De Raad van State heeft advies 70.772/1 gegeven op 28 januari 2022, met toepassing van artikel 84, §1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.

Initiatiefnemer

Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid, Gezin en Armoedebestrijding.

Na beraadslaging,

DE VLAAMSE REGERING BESLUIT:

Hoofdstuk 1. Vaststelling van maatregelen voor gelegenheidsarbeiders voor de periode van 1 april 2020 tot en met 30 september 2021 ten gevolge van de uitbraak van het COVID-19-virus

Artikel 1.  (01/04/2020- ...)

Voor de toepassing van de maandelijkse uurnorm van tachtig uren, vermeld in artikel 14, §2, eerste lid, 2°, artikel 29, §1, eerste lid, 2°, en artikel 41, eerste lid, 2°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 oktober 2018 tot vaststelling van de diverse hoedanigheden van het rechtgevend kind en betreffende de vrijstellingen van de toekenningsvoorwaarden voor de gezinsbijslagen, de startbedragen geboorte en adoptie en de universele participatietoeslagen, wordt geen rekening gehouden met de prestaties die geleverd zijn onder het statuut van gelegenheidsarbeider, vermeld in artikel 2/1, §1, van de wet van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders, tijdens de periode van 1 april 2020 tot en met 30 september 2021.

[...]

Hoofdstuk 7. Slotbepalingen

Artikel 50. (25/03/2022- ...)

Artikel 1 heeft uitwerking met ingang van 1 april 2020.

[...]

Art. 51. De Vlaamse minister, bevoegd voor opgroeien, is belast met de uitvoering van dit besluit.

Datum van publicatie
Datum van afkondiging
Top