996/76 van 12 juni 2007 - Toeslag bij het begin van het schooljaar 2007 - Voorbeelden

    In aansluiting op de CO 1368 van 12 juni 2007 volgen hierna enkele voorbeelden die de uitvoering in de praktijk van de toepasselijke bepalingen illustreren.

    Voorbeelden

    1. Een kind geboren op 31 december 1995 ontvangt op 24 of 27 augustus 2007 een jaarlijkse toeslag van EUR 71,40, hoewel het op dat ogenblik nog geen twaalf jaar is en voor juli 2007 slechts recht heeft op de leeftijdsbijslag voor kinderen van 6 tot 12 jaar.
    2. Een kind geboren op 24 november 2001 ontvangt op 24 of 27 augustus 2007 een jaarlijkse toeslag van EUR 51 hoewel het op dat ogenblik nog geen zes jaar is en dus voor juli 2007 geen recht heeft op leeftijdsbijslag.
    3. Een moeder heeft drie kinderen respectievelijk geboren in 1999, 2002 en 2004. De jongste twee kinderen zijn geplaatst in een instelling in de zin van artikel 70 KBW waarbij het eenderde aan de moeder wordt toegekend. De proportionele verdeling is van toepassing.
      Enkel het oudste kind heeft recht op de jaarlijkse toeslag van EUR 51. Deze jaarlijkse toeslag is een recht verbonden aan het kind en komt bijgevolg niet in het globale bedrag dat proportioneel onder de verschillende bijslagtrekkenden moet worden verdeeld.
      Het globale bedrag is de som van R1+R2+R3.
      Het basisbedrag voor elk van de 3 kinderen is (R1+R2+R3)/3 = X

    K1 heeft recht op X+ leeftijdsbijslag+jaarlijkse toeslag van EUR51, te betalen aan de moeder.
    K2 en K3 hebben elk recht op X, waarvan eenderde aan de moeder betaald wordt en tweederden toekomt aan de instelling waarin de kinderen geplaatst zijn.

    Top