Geef een zoekwoord in, en selecteer indien gewenst een filter.
Indien je zoekterm bestaat uit meerdere woorden, zet je deze tussen aanhalingstekens (“). Op meerdere termen tegelijk zoeken, kan door het gebruik van een komma.

Informatienota 1986/30: - Toepassing van CO 1108 van 30 augustus1983, 2e deel I-B. - De bijslagtrekkende ingeval van samenwoonst. - Aanwijzing van de bijzit van de vader als bijslagtrekkende. - Effecten op de rangbepaling van de rechtgevenden en op de inhouding.

    Aan de RKW werd de vraag gesteld wie als bijslagtrekkende kan worden aangeduid in geval van samenwoonst, en ook in welke omstandigheden dit kan gebeuren.

    Art. 69 van de samengeordende wetten dat de bijslagtrekkende aanduidt, bepaalt dat de kinderbijslag wordt uitbetaald aan de MOEDER. Wanneer de moeder het kind niet werkelijk grootbrengt, wordt de bijslag uitbetaald aan de natuurlijke persoon of de rechtspersoon die deze taak vervult.

    Naar analogie van art. 203 van het Burgerlijk Wetboek wordt grootbrengen omschreven als "Kost, onderhoud en opvoeding aan het kind verschaffen"; art. 203 legt deze verplichting op aan de OUDERS.

    De definitie van het begrip "grootbrengen" valt hier samen met een wettelijke verplichting opgelegd aan de ouders ; aldus zal, bij ontstentenis van de moeder, de VADER die de kinderen BIJ ZICH OPVOEDT, op de eerste plaats de bijslagtrekkende zijn. De wettelijke verplichting opgelegd door art. 203 is immers uitsluitend op hem van toepassing en niet op de persoon van het andere geslacht waarmede hij samenwoont.

    De bijzit van de vader wordt, door het feit van de samenwoonst dus niet automatisch bijslagtrekkende voor diens kinderen. Wel kan deze persoon door de vader uitdrukkelijk worden aangewezen als bijslagtrekkende.

    Deze aanwijzing kan belangrijke gevolgen hebben i.v.m. de rangbepaling van de betrokken rechtgevende kinderen indien de vrouw reeds bijslagtrekkende is voor andere kinderen. Door de samenvoeging van de kinderen dient ook de inhouding slechts éénmaal te worden toegepast. De terugbetaling kan aan één van de betrokken fondsen worden aangevraagd.

    De betaling van de kinderbijslag aan de vrouw met wie de vader van de kinderen een gezin vormt kan slechts gebeuren nadat de vader hiertoe schriftelijk de vraag heeft gesteld of de wens geuit. Het betreft hier een wilsuiting welke niet aan een bepaalde vorm is gebonden (vb. brief om inlichtingen ter zake, aanduiding van de bijzit als "persoon door wie de kinderen worden opgevoed" op het mod. A en Z).

    Deze wijziging van bijslagtrekkende valt onder de bepalingen van art. 70bis en heeft dus zijn uitwerking de maand volgend op deze waarin de aanduiding (geldig) is gebeurd.

    Bron: Juridisch Studiën: E/610/1635

    Top