Vlaanderen

Informatienota 1999/2: - Bijlage bij CO 1296. - Beschrijving van de verschillende vormen van deeltijds secundair onderwijs ingericht door de gemeenschappen. - Aanvullingen.

Zoals aangekondigd in punt III van CO 1296 worden de beslissingen van de gemeenschappen die een weerslag hebben op het recht op kinderbijslag meegedeeld via een informatienota.

In 1996 zijn twee bestuursrechtelijke bepalingen van toepassing geworden met een weerslag inzake kinderbijslag.

U vindt hierna een bijgewerkte versie van de bijlage bij de CO. De gewijzigde passages zijn gemerkt met een streep in de marge.

BIJLAGE

Beschrijving van de verschillende vormen van deeltijds secundair onderwijs, ingericht door de verschillende gemeenschappen, zoals bedoeld in art. 1bis van KB van 30 december 1975, en onderzoek van het recht op kinderbijslag

1. In de Vlaamse Gemeenschap

a) Deeltijds beroeps secundair onderwijs

Voor de leerlingen die minder dan 18 jaar oud zijn en die niet meer aan de voltijdse leerplicht onderworpen zijn, heeft de Vlaamse Gemeenschap op organieke wijze het deeltijds beroeps secundair onderwijs georganiseerd (zie het decreet van de Vlaamse Raad van 31 juli 1990, Staatsblad van 18 augustus 1990, en het uitvoeringsbesluit van de Vlaamse Executieve van 31 juli 1990, Staatsblad van 26 september 1990). De leerlingen moeten uiterlijk op 31 januari van het lopende schooljaar zijn ingeschreven in een centrum voor deeltijds beroeps secundair onderwijs. De leerlingen die voor de leeftijd van 18 jaar regelmatig waren ingeschreven, kunnen ingeschreven blijven in het deeltijds beroeps secundair onderwijs tot het einde van het schooljaar van het kalenderjaar waarin zij de leeftijd van 20 jaar bereiken. De leerlingen zijn niet verplicht om een of andere opleidingsovereenkomst af te sluiten. Het recht op kinderbijslag neemt een einde indien de inkomsten (lonen of sociale uitkeringen) van de leerling het toegelaten maximumbedrag overschrijden (zie art. 1bis van KB van 30 december 1975).

b) Experimenteel secundair onderwijs met beperkt leerplan

Voor de jongeren van 18 tot 25 jaar heeft de Vlaamse Gemeenschap het experimenteel secundair onderwijs met beperkt leerplan behouden (zie het besluit van de Vlaamse Executieve van 23 juli 1992, Staatsblad van 4 december 1992). De jongeren moeten uiterlijk op 1 oktober van het betrokken schooljaar zijn ingeschreven in een centrum voor deeltijds beroeps secundair onderwijs. Vanaf 1 september 1995 zijn de jongeren niet langer verplicht om een overeenkomst "werkopleiding" of een industriële leerovereenkomst af te sluiten (zie besluit van de Vlaamse Regering van 12 juni 1995, Staatsblad van 12 september 1995). Het recht op kinderbijslag neemt een einde indien de inkomsten (lonen of sociale uitkeringen) van de jongere het toegelaten maximumbedrag overschrijden (zie art. 1bis van K.B. van 30 december 1975). Deze bepalingen gelden voor de schooljaren 1995-1996 en 1996-1997 en zijn verlengd voor de schooljaren 1997-1998 en 1998-1999.

2. In de Franse Gemeenschap

De Franse Gemeenschap organiseert geen experimenteel secundair onderwijs met beperkt leerplan meer. Het decreet van 3 juli 1991 van de Franse Gemeenschapsraad (Staatsblad van 24 september 1991) regelt vanaf 1 september 1990 op organieke wijze het secundair onderwijs met beperkt leerplan. Dit onderwijs wordt verstrekt in een centrum voor alternerend onderwijs en vorming (CEFA).

De toegang ertoe is voorbehouden aan jongeren die:

- ofwel onderworpen zijn aan de deeltijdse leerplicht. Deze jongeren zijn niet verplicht om een of andere opleidingsovereenkomst af te sluiten.

- ofwel minder dan 25 jaar oud zijn en aan de leerplicht hebben voldaan. Deze jongeren zijn verplicht om één van de volgende opleidingsovereenkomsten af te sluiten:

  1. een industriële leerovereenkomst.
  2. een overeenkomst "werk-opleiding".
  3. of een andere vorm van overeenkomst erkend door de arbeidswetgeving en passend in het kader van een alternerende opleiding die goedgekeurd is door de Executieve van de Franse Gemeenschap.

In de praktijk worden de jongeren die voor hun 18de verjaardag regelmatig waren ingeschreven, voor het gehele schooljaar vrijgesteld van de verplichting om een opleidingsovereenkomst af te sluiten, zelfs als zij 18 jaar worden in de loop van dat schooljaar. Die jongeren moeten het jaar daarop en uiterlijk binnen zes maanden na het begin van de lessen een contract van het type "overeenkomst of stage met het oog op de inschakeling in het sociaal en beroepsleven" afgesloten hebben. In zeer uitzonderlijke gevallen kan de CEFA-directie de jongere van die verplichting ontslaan zonder dat hij of zij daarom niet langer als regelmatige leerling wordt beschouwd. Die regel is van toepassing sinds het schooljaar 1995-1996 (overeenkomstig het decreet van 18 maart 1996 van de Raad van de Franse Gemeenschap - Belgisch Staatsblad van 4 juni 1996). Het recht op kinderbijslag neemt een einde indien de inkomsten (lonen of sociale uitkeringen) van de jongere het toegelaten maximumbedrag overschrijden (zie art. 1bis van KB van 30 december 1975).

3. In de Duitstalige Gemeenschap

De Duitstalige Gemeenschap heeft het experimenteel onderwijs met beperkt leerplan in het secundair onderwijs behouden (zie de besluiten van de Duitstalige Gemeenschapsregering van 18 januari 1995, Staatsblad van 21 november 1995, en van 19 december 1995, Staatsblad van 27 februari 1996). De jongeren moeten uiterlijk op 15 november zijn ingeschreven in een centrum voor onderwijs met beperkt leerplan.

De toegang ertoe is voorbehouden aan jongeren die:

- ofwel onderworpen zijn aan de deeltijdse leerplicht. Deze jongeren zijn niet verplicht om een of andere opleidingsovereenkomst af te sluiten.

- ofwel jonger dan 26 jaar zijn en aan de leerplicht hebben voldaan. Deze jongeren zijn verplicht om één van de volgende opleidingsovereenkomsten af te sluiten:

  1. een overeenkomst "werk-opleiding".
  2. een overeenkomst voor opleiding in een bedrijf met het oog op de voorbereiding van de inschakeling van de mindervaliden in het arbeidsproces.
  3. een industriële leerovereenkomst.
  4. of een andere vorm van overeenkomst erkend door de arbeidswetgeving en passend in het kader van een alternerende opleiding die goedgekeurd is door de Regering van de Duitstalige Gemeenschap.

Bij wijze van overgangsmaatregel bleven in de praktijk jongeren die voor het schooljaar 1996-1997 voor hun achttiende verjaardag regelmatig waren ingeschreven verder vrijgesteld van de verplichting om een opleidingsovereenkomst te sluiten voor het volledige schooljaar. Die vrijstelling is behouden tot het einde van de opleidingscyclus voor zover zij dit type van opleiding zonder onderbreking volgen tot het behalen van het eindgetuigschrift. Alle bovenstaande bepalingen zijn opgenomen in het decreet van 25 juni 1996 van de Raad van de Duitstalige Gemeenschap. Dat decreet zet een punt achter de experimentele fase van het onderwijs met beperkt leerplan. Het is van toepassing vanaf het schooljaar 1996-1997. Het recht op kinderbijslag neemt een einde indien de inkomsten (lonen of sociale uitkeringen) van de jongere het toegelaten maximumbedrag overschrijden (zie art. 1bis van K.B. van 30 december 1975). Uiteraard kan er geen kinderbijslag meer worden toegekend vanaf de leeftijd van 25 jaar.

Top