CO 1169 van 14 november 1986 - Ten laste leggen van het reservefonds van het niet recupereerbaar gedeelte van de ten onrechte uitbetaalde gezinsbijslag over de periode 1 april 1985 tot de laatste verrichte betaling, ingevolge de schrapping van Art. 6 uit de bijlage 5 van de EEG - Verordening 574/72

     

    Met bijlage nummer 28 bij de C.O. 949 hebben wij U medegedeeld dat artikel 6 van het Belgisch-Nederlands Akkoord per 1 april 1985 geschrapt werd uit de bijlage 5 van de Verordening nummer 574/72/EEG. Bijlage nr. 29 had ten doel U eraan te herinneren dat bij toepassing van artikel 76 van verordening nr. 1408/71 en het besluit nr. 119 van 24 februari 1983 van de Administratieve Commissie, perioden van onderbreking van beroepswerkzaamheden met het uitoefenen van beroepswerkzaamheden mogen gelijkgesteld worden voor zover deze perioden van onderbreking onmiddellijk aansluiten aan een periode waarin beroepswerkzaamheden werden verricht in België.

    Per 23 september 1986 werden de kinderbijslagfondsen verzocht ons het aantal gevallen en het bedrag mede te delen dat vanaf 1 april 1985 ten onrechte toegekend werd aan in België verblijvende gezinnen wegens de werkloosheid in België van een rechthebbende na een tewerkstelling in Nederland en waarbij het andere gezinslid in Nederland in loondienst is.

    Het Beheerscomité heeft op voorstel van de Minister besloten het verschil tussen de uitgekeerde Belgische gezinsbijslagbedragen en de in Nederland toe te kennen kinderbijslagbedragen ten laste te nemen van het reservefonds van de Rijksdienst voor kinderbijslag voor werknemers en dit voor de bijslag met betrekking tot de periode van 1 april 1985 tot de laatst verrichte betaling en uiterlijk op 30 november 1986.

    De fondsen dienen derhalve niet over te gaan tot de recuperatie van het bedoelde verschil. Zij dienen evenwel de belanghebbende in kennis te stellen van de toestand en het feit dat hij (zij) als werknemer in Nederland een aanvraag moet indienen om kinderbijslag te bekomen bij de Raad van Arbeid waaronder zijn (haar) Nederlandse werkgever ressorteert.

    Betalingen die nog door Belgische kinderbijslagfondsen uitgevoerd zouden worden over een periode na 30 november 1986 kunnen niet meer in aanmerking komen om ten laste van het reservefonds gelegd te worden. Dit betekent dat de betalingen die uitgevoerd werden nà 30 november 1986 slechts in aanmerking kunnen komen voor de tenlastelegging van het reservefonds voor zover ze betrekking hebben op kinderbijslag toegekend voor een periode die aan 30 november voorafgaat en er op de datum van de betaling nog niet kon worden vastgesteld dat het een onverschuldigde betaling in de hierboven aangegeven zin betrof.

    De fondsen die nog geen definitief antwoord verstrekt hebben, worden verzocht dringend de gevallen waarin ten onrechte gezinsbijslag betaald werd over de periode van 1 april 1985 tot 30 november 1986 op te sporen en ons per dossier volgende inlichtingen mede te delen:

    - naam en voornaam van de betrokken werkloze;

    - naam, voornaam en geboortedatum van de werknemer in
    Nederland;

    - naam en adres van de Nederlandse werkgever;

    - periode waarover gezinsbijslag ten onrechte werd uitbetaald;

    - bedrag aan kinderbijslag onrechtmatig uitbetaald;

    - bedrag aan kraamgeld onrechtmatig uitbetaald.

    Top