Vlaanderen

MO 598 van 5 april 2007 - Uitbreiding van de toepassing van de nieuwe evaluatieregeling tot een nieuwe leeftijdscategorie. KB van 29 januari 2007 tot wijziging van Art. 56septies en Art. 63 van de SWKL en van KB van 28 maart 2003 tot uitvoering van Art. 47, Art. 56septies en Art. 63 van de SWKL en van Art. 88 van de programmawet (I) van 24 december 2002.

Bovenvermeld koninklijk besluit breidt de toepassing van de nieuwe evaluatieregeling1 ten aanzien van de bijkomende kinderbijslag voor kinderen met een aandoening, welke werd ingevoerd bij het koninklijk besluit van 28 maart 2003 tot uitvoering van de artikelen 47, 56septies en 63 van de samengeordende wetten betreffende de kinderbijslag voor loonarbeiders en van artikel 88 van de programmawet (I) van 24 december 2002, uit tot de kinderen geboren na 31 december 1992 en uiterlijk op 1 januari 1996.

Het koninklijk besluit treedt in werking op 1 januari 2007. De nieuwe evaluatieregeling zal voor deze leeftijdscategorie evenwel in principe2 kunnen worden toegepast met een terugwerkende kracht tot 1 mei 2003.

A. UITWERKING VOLGENS SOORT VAN AANVRAAG

a) EERSTE AANVRAGEN EN HERZIENINGSAANVRAGEN

Eerste aanvragen en herzieningsaanvragen die vanaf 1 januari 2007 voor de betrokken leeftijdscategorie worden ingediend zullen als volgt worden geëvalueerd:

- periode voor 1 mei 2003

In de mate dat bij toepassing van de verjaringstermijn bepaald in artikel 120 van de G.W. een periode voor 1 mei 2003 moet worden geëvalueerd, zal de oude evaluatieregeling3 worden toegepast.

- periode vanaf 1 mei 2003

De nieuwe evaluatieregeling wordt toegepast.

b) AMBTSHALVE HERZIENINGEN

Ambtshalve herzieningen die voor de betrokken leeftijdscategorie ten vroegste op 1 januari 2007 ingaan, worden alleen geëvalueerd in de nieuwe evaluatieregeling. Deze ambtshalve herzieningen gelden enkel voor de toekomst

Er dient opgemerkt dat er niet in een specifieke overgangsmaatregel met een evaluatie zowel in de oude als de nieuwe regeling wordt voorzien, zoals destijds wel het geval was bij de invoering van het KB van 28 maart 2003.

Mocht naar aanleiding van een dergelijke ambtshalve herziening blijken dat een hoger bedrag aan bijkomende kinderbijslag kan worden toegekend, dan dient de kinderbijslaginstelling in het raam van haar informatieplicht het betrokken gezin erover in te lichten dat de mogelijkheid bestaat een herzieningsaanvraag in te dienen, zodat met terugwerkende kracht toepassing kan worden gemaakt van de nieuwe evaluatieregeling.

B. AANVRAAGFORMULIER TOT MEDISCHE VASTSTELLING

De kinderbijslaginstellingen dienen het aanvraagformulier tot medische vaststelling in te vullen rekening houdend met bovenvermelde richtlijnen.

Indien een dergelijk aanvraagformulier betrekking heeft op een ambtshalve herziening die wordt ingediend voor 1 januari 2007 en ten vroegste uitwerking heeft op 1 januari 2007, kan de kinderbijslaginstelling ten aanzien van de kinderen geboren na 31 december 1992 en uiterlijk op 1 januari 1996 begrijpelijkerwijze nog geen melding maken van de nieuwe evaluatieregeling.

De beslissing die uitgaat van de Directie-generaal Personen met een handicap zal evenwel rekening houden met de nieuwe regels en bijgevolg desgevallend de nieuwe evaluatieregeling toepassen.

Voor de eerste aanvragen en herzieningsaanvragen die worden ingediend vanaf 1 januari 2007 en voor de ambtshalve herzieningen die ten vroegste uitwerking hebben op 1 januari 2007, dient voor de aanvraag tot medische vaststelling gebruik te worden gemaakt van het aangepaste formulier, waarvan het model als bijlage is toegevoegd.

C. INFORMATIEVERSTREKKING4

In de mate dat zij de gevallen kunnen identificeren, dienen de kinderbijslaginstellingen in de loop van januari 2007 aan de gezinnen met een kind, dat geboren is na 31 december 1992 en voor 2 januari 1996, een brief te richten met een omstandige toelichting over de nieuwe evaluatieregeling, in de volgende gevallen;

- het kind is op 1 januari 2007 reeds rechtgevend op bijkomende kinderbijslag op grond van de oude evaluatieregeling;

- het kind is op 1 januari 2007 niet rechtgevend op bijkomende kinderbijslag omdat deze eerder op grond van de oude evaluatieregeling werd geweigerd.

Voor het overige blijven de principes vervat in de richtlijnen van de ministeriële omzendbrief nr. 581 van 16 april 2003 van toepassing.

Ik vraag u om deze omzendbrief ter kennis te brengen van uw uitvoeringsdiensten en desgevallend mee te delen aan de openbare instellingen, welke onder uw voogdij staan en welke zelf de kinderbijslag uitbetalen aan hun personeel.

IN 'T KORT :
  • Uitbreiding van de toepassing van de nieuwe evaluatieregeling tot kinderen geboren na 31 december 1992 en voor 2 januari 1996
  • Terugwerkende kracht van de nieuwe evaluatieregeling voor eerste aanvragen en herzieningsaanvragen tot maximaal 1 mei 2003
  • Geen specifieke overgangsmaatregel
  • Aangepast formulier tot medische vaststelling
  • 1. Evaluatie van de gevolgen van de aandoening, bedoeld in hoofdstuk III, afdeling I, van het koninklijk besluit van 28 maart 2003. Wanneer de nieuwe evaluatieregeling van toepassing is dienen ook de bedragen te worden toegepast overeenkomstig de bepalingen die gelden voor het kind geboren na 31 december 1992.
  • 2. Niet voor ambtshalve herzieningen.
  • 3. Evaluatie van de lichamelijke of geestelijke ongeschiktheid en de graad van zelfredzaamheid, bedoeld in hoofdstuk II van het koninklijk besluit van 28 maart 2003. Wanneer de oude evaluatieregeling van toepassing is dienen ook de bedragen te worden toegepast overeenkomstig de bepalingen die gelden voor het kind geboren uiterlijk op 31 december 1992.
  • 4. Naast de informatie vermeld onder punt A, b) ambtshalve herzieningen.
Top