28 april 1978 - Koninklijk besluit houdende instelling van een stelsel van studie- en stagebeurzen, in België, ten gunste van onderhorigen van ontwikkelingslanden (BS 30.5.1978) - uittreksel

    (...)

    Art. 6. § 1. De bursaal geniet een maandelijkse gezinsbijslag voor de echtgeno(o)t(e) die geen winstgevende bedrijvigheid uitoefent en voor de kinderen ten laste van minder dan 18 jaar, die met hem/haar in België verblijven. Voor de toekenning van de gezinsbijslag komen echter niet in aanmerking de echtgeno(o)t(e) en de kinderen ten laste met wier verblijf in België het algemeen bestuur van de ontwikkelingssamenwerking niet heeft ingestemd.

    § 2. De maandelijkse gezinsbijslag is vastgesteld op 74,37 EUR voor de echtgeno(o)t(e) en op 37,18 EUR per kind. (1) Deze bedragen stemmen overeen met het indexcijfer van de consumptieprijzen 109,51 dat van kracht was op 1 januari 1976.

    § 3. Voor de toepassing van artikel 60 van de wetten inzake kindertoeslagen voor loonarbeiders, gecoördineerd door het koninklijk besluit van 19 december 1939, wordt de gezinsbijslag waarin dit besluit ten gunste van kinderen voorziet, beschouwd als kinderbijslag vastgesteld krachtens andere wets- of verordeningsbepalingen.

    § 4.De maandelijkse gezinsvergoeding wordt vooraf betaald. Zij is verworven voor elke begonnen maand. Zij is verschuldigd voor de vakantieperioden. Zij kan aan de echtgeno(o)t(e) van de bursaal worden uitbetaald.

    (...)


    --------------
    (1) De bedragen 3.000 frank en 1.500 frank werden vervangen door de overeenkomstige bedragen in euro. Verwijzingen naar nationale munteenheden in rechtsinstrumenten die op het einde van de overgangsperiode naar de euro nog bestaan, dienen namelijk te worden gelezen als verwijzingen naar de euro-eenheid, door de omrekeningskoersen toe te passen. (art. 14 Verordening EG nr. 974/98 van de Raad over de invoering van de euro).

    Datum van publicatie
    Datum van afkondiging
    Top