996/89 van 5 maart 2009 - Eenoudertoeslag - Toepassing van de evenredige verdeling voor kinderen geplaatst in een instelling in de zin van Art. 70KBW voor wie het een derde van de kinderbijslag op een spaarrekening wordt gestort

    Sinds 1 oktober 2008 zijn de bedragen van de eenoudertoeslag verschillend naargelang de rang van het kind.

    De vraag wordt gesteld wat de gevolgen daarvan zijn bij de berekening van de verschuldigde kinderbijslag voor kinderen die geplaatst zijn in een instelling in de zin van artikel 70 KBW en voor wie het een derde van kinderbijslag op een spaarrekening wordt betaald.

    In die gevallen is het artikel 70bis KBW zoals het op algemene wijze gold tot 30 september 1997 nog van toepassing. Daarin wordt de eenoudertoeslag in de zin van artikel 41 KBW niet vermeld, noch bij de bedragen die in de evenredige verdeling dienen te worden betrokken, noch bij de supplementen eigen aan het kind. De wettekst biedt m.a.w. geen pasklaar antwoord. De groepering (rangbepaling) gebeurt rond de rechthebbende.

    Bij de toepassing van de evenredige verdeling gelden op algemene wijze twee principes:

    • De gewone kinderbijslag en de toeslagen die afhangen van de socio-professionele, gezins- en inkomenssituatie van de rechthebbende en/of bijslagtrekkende worden in de evenredige verdeling betrokken.
    • De supplementen die afhangen van de situatie van het kind (leeftijdsbijslag en bijkomende bijslag voor kinderen met een aandoening) vallen buiten de evenredige verdeling.

    Op basis van die algemene principes is het aangewezen bij de berekening van de verschuldigde kinderbijslag voor kinderen geplaatst in een instelling in de zin van artikel 70 KBW met betaling van het een derde van de kinderbijslag op een spaarrekening, de eenoudertoeslag in de evenredige verdeling te betrekken.

    Voorbeeld.

    Een gezin bestaat uit de rechthebbende moeder en haar twee kinderen. De moeder werkt en heeft voor beide kinderen recht op eenoudertoeslag. Het jongste kind wordt geplaatst in een instelling. Daarbij wordt beslist dat het een derde van de kinderbijslag op een spaarrekening op naam van het kind dient te worden gestort.

    Berekening van de verschuldigde kinderbijslag voor het geplaatste kind:

    1. Toepassing evenredige verdeling
      • (Rang 1 (schaal 40) + Rang 2 (schaal 40) + art.41 (rang 1) + art.41 (rang 2)) / 2 = X
    2. Toevoeging van de supplementen eigen aan het kind
      • X + leeftijdsbijslag voor het jongste kind = Y
    3. Toepassing artikel 70 KBW
      • Y/3 wordt op de spaarrekening gestort.
      • 2 x (Y/3) wordt aan de plaatsende overheid of instelling betaald

    De moeder ontvangt voor het kind in haar gezin: rang 1 (schaal 40) + artikel 41 (eerste rang) + leeftijdsbijslag voor het eerste kind.

    Top