Vlaanderen

Informatienota 1995/2: - Toepassing in de tijd van MO 531 van 9 december 1993 en het addendum van 14 januari 1994.

Ingevolge de verlaging van de leeftijd van de meerderjarigheid hebben betalingsinstellingen het initiatief genomen, geen kinderbijslag na de 18e verjaardag van een kind meer te betalen, om de enige reden dat het op die datum niet meer daadwerkelijk onderwijs volgt maar wel nog aan de deeltijdse leerplicht onderworpen is.

Sommigen hebben kinderbijslag met betrekking tot een periode waarin een kind niet school liep na zijn 18e verjaardag maar vóór 30 juni van het jaar waarin die 18e verjaardag viel, aangemerkt als zijnde ten onrechte betaald en zelfs terug geïnd.

MO 531 van 9 december 1993 (en het addendum van 14 januari 1994) schrijven voor dat de betaling van de gezinsbijslag ten behoeve van de jongeren die meerderjarig geworden zijn maar aan de leerplicht onderworpen blijven, tot het einde van het lopende schooljaar moet worden voortgezet. De onderrichtingen laten elke juridische controverse die de verlaging tot 18 jaar van de leeftijd van de burgerlijke meerderjarigheid zou kunnen doen ontstaan, buiten beschouwing.

De instellingen die zouden geweigerd hebben kinderbijslag te betalen of deze uitkeringen zouden hebben teruggevorderd alvorens te beschikken over de onderrichtingen van MO 531 van 9 december 1993, moeten elke herziening waarom de betrokkenen verzoeken, binnen de bij art. 120 G.W. bepaalde grenzen van de verjaring uitvoeren. De reeds behandelde dossiers moeten niet ambtshalve opnieuw worden onderzocht.

Top